St Stephen Walbrook
Wren's kerken in Londen
De Grote Brand van Londen verwoestte in 1666 het grootste deel van het toenmalige Londen. Op sommige plekken zie je nog middeleeuwse vakwerkhuizen, maar het meeste van echt vroeger is verdwenen in hartje Londen .
Dat heeft ook zijn voordelen. Het zorgde voor een flinke bouwimpuls. De architect Christopher Wren profiteerede daarvan. Hij is natuurlijk vooral bekend als de bouwer van St. Paul’s Cathedral. Hoewel dat verreweg de grootste kerk was die hij bouwde, was Wren in feite verantwoordelijk voor de bouw, of behoorlijke herbouw, van liefst 52 kerken.
Ik realiseerde me dat recent pas toen ik voor St. Clement’s Danes stond, een kerk tegenover het Hooggerechtshof, die op dit moment flink wordt gerestaureerd. De kerk wordt niet eens officieel toegeschreven aan Wren – de Grote Brand was in dit deel van de stad al uitgewoed – maar Wren heeft deze kerk wel helemaal herbouwd.
Op de schotten die bij St Clement vanwege de werkzaamheden zijn opgetrokken stonden alle kerken van Wren beschreven. Ik besloot ter plekke ze allemaal te gaan bezoeken. Sommige kerken, zoals St, Paul’s en St. Brides, de ‘journalistenkerk’ in Fleet Street met zijn befaamde slagroomtaart-toren kende ik al. Vele anderen was ik in de loop der jaren gepasseerd, zonder me te realiseren dat het een Wren was. Als ik even de tijd heb, probeer ik nu deze kerken ook daadwerkelijk te bezoeken.
Ik ben inmiddels ruim over de helft van de beschikbare kerken. Sommige zijn immers verdwenen. Dat gebeurde vooral in de tweede helft van de negentiende eeuw. Vrijwel alle kerken bevinden zich in de oude ‘City’. Dat is het deel van Londen dat in de Romeinse tijd werd ommuurd.
In de loop van de negentiende eeuw veranderde de rol van dit deel van de stad. De meeste mensen trokken naar elders in de stad. De huizen die ze bewoonden werden vervangen door kantoren. Dat is ook nu nog het geval. Dagelijks werken er ruim 650.000 mensen in de City. Er wonen slechts iets meer dan achtduizend Londenaren.
Met het verdwijnen van de bewoners was er minder behoefte aan kerken. Monumentenzorg bestond nog niet en dit betekende dat tien Wren kerken verdwenen. Nog eens negen andere kerken verdwenen omdat ze gewoonweg in de weg stonden of omdat de Duitsers ze plat hadden gegooid gedurende de ‘Blitz’ en herbouw onmogelijk bleek.
Het betekent dat er nog ruim dertig Wren-kerken aanwezig zijn. De helft daarvan heb ik inmiddels bezocht. Mijn voorlopig favoriete is St Stephen, die ik afgelopen week bezocht. De kerk ligt naast Mansion House en het nieuwe Bloomberg-kantoor, in het hart van het financiële centrum. Het is de kerk waar Wren heeft geoefend op de dome van St. Paul’s Cathedral. De kerk ligt, net als de meeste andere kerken, verscholen tussen de omliggende kantoren en wolkenkrabbers. Het Rotschild-kantoor van Rem Koolhaas, of beter gezegd van de voor zijn firma OMA werkende Ellen van Loon, is te zien door de prachtige handgeblazen ramen van de zeer lichte kerk.
Het was de kerk waar Wren zelf ter kerke ging, misschien dat hij er daardoor extra zijn best op heeft gedaan. De kerk won in de jaren tachtig aan allure met een door beeldhouwer Henry Moore ontworpen altaar, dat centraal onder de koepel is geplaatst.
Ik ben trouwens niet de enige. In een artikel in The Daily Telegraph geeft de schrijver Christopher Winn een opsomming van de in zijn ogen beste kerken in ieder Brit graafschap. St Stephen Walbrook is volgens Winn de winnaar in Londen. Dat heeft niets met de buitenkant van de kerk te maken, die nauwelijks opvalt, maar met de ‘buitengewone schoonheid’ van het interieur. Ik ben het volmondig met hem eens.





